Werkgroep Poicephalus Patrick Vlyminckx
Duits :
Mohrenkopfpapagei (soms afgekort
als Mopa)
Engels :
Senegal Parrot
De senegalpapegaai of bonte boer is wellicht de meest
verspreide echte papegaai in de huiskamers, na de grijze roodstaart
papegaai. Echter door zijn klein formaat
van circa
Omdat
een foto meer zegt dan 10 bladzijden tekst, houden we deze soortbeschrijving
graag kort ! Raszuivere bonte boeren kan men herkennen aan de
buikkleur en aan de intensiteit van het groen.
Er bestaan 3 ondersoorten.
Eigenlijk mag je de vergelijking maken met citroen, sinaasappel en
tomaatkleur maar hier volgt een deskundiger uitleg.
P.Senegalus
senegalus: heeft een zuiver gele buik die afgevormd word door de groene ‘V’ op
de borst. Bij deze ondersoort komt de groene ‘V’ bij zowel man als pop ver tot
op de buik. Bij poppen komt deze aftekening wel verder dan bij mannen. Deze
methode wordt wel eens (succesvol) gebruikt om het geslacht te bepalen. Onder
de vleugels zijn de vogels ook helder geel.
Het groen bij deze soort is het bleekste van alle 3 en kan heel helder
zijn. In sommige gevallen is de kop licht grijs in plaats van grijs-zwart. Op
zicht is de nominaat gewoon een opgebleekte versie van de oranje buik die we
goed kennen.
P.Senegalus
mesotypus: is donkerder in alle opzichten dan de nominaat. De groene ‘V’ op de
borst en buik reikt minder ver al kan dit individueel erg verschillen. De buik
is zuiver oranje. Onder de vleugels heeft de vogel een meer oranje bevedering.
De kop is grijs-zwart van kleur. De groene partijen zijn donkerder groen.
P.Senegalus
versteri: is de donkerste ondersoort. Deze vogels hebben een donkere kop die
tegen het bruin-zwarte aanleunt. De groene partijen zijn donker en soms
olijfkleurig. De buik heeft een rode kleur die afhankelijk van de afkomst
verschilt in intensiviteit. Sommige van deze vogels worden gezien als donker
oranje maar zijn wel versteri.
Ik schat dat meer
dan 90 procent van alle bij ons gehouden ondersoorten mesotypus (oranjebuik)
is. De echte P.Senegalus senegalus
(geelbuik) en de P.Senegalus versteri (roodbuik) zijn dus echt wel moeilijk te
vinden. Deze soorten horen dus zeker
niet thuis in de huiskamer maar zouden moeten voorbehouden worden aan kwekers
van deze soorten (biedt deze zeker aan via onze Poicephalus kwekerslijst !!)
Geslachtsonderscheid
Endoscopische of
DNA seks bepaling geeft bij deze vogels de zekerheid dat we met een man of een
pop te doen hebben. Op het oog is het
voor de meer geoefende kweker mogelijk om het geslacht te bepalen (echter nooit
met 100% zekerheid) aan de hand van volgende kenmerken :
De man is
doorgaans zwaarder gebouwd en met een forsere snavel die vooral breder is aan
de basis (washuid). In het verenpak
stopt de groene ‘V’ ergens midden op de borst en de onderstaart is volledig
geel gekleurd.
De pop is lichter
van bouw en heeft een kleinere snavel.
De groene ‘V’ op de borst reikt verder naar beneden dan bij de man,
doorgaans tot tussen de poten of zelfs nog verder. De onderstaart is groen gekleurd, soms geel
doch steeds met enkele groene veertjes erin.
Biotoop
De
senegalpapegaai is een bewoner van licht beboste savannen en open bos met hoge
bomen. Ze worden gewoonlijk waargenomen
in kleine tot middelgrote groepen van maximaal 20 stuks. In de paartijd (september tot november in het
wild) worden meestal losse paartjes waargenomen.
Hun favoriete
voedsel bestaat uit zaden (o.a. acacia) en granen (zoals millet) maar ook uit
vruchten (vijgen !) en bladknoppen. Ze
richten dan ook soms zware schade aan op plantages van maïs, millet,bananen en
aardnoten en ze zijn derhalve niet de beste vrienden van de plaatselijke boeren
!
Ofschoon de
senegalpapegaai echt niet zeldzaam is, komt hij in het wild beslist niet overal
even talrijk voor. In sommige streken
zou hij vrij algemeen zijn, in ander loopt zijn aanwezigheid samen met het
beschikbaar voedsel.
Ik heb zelf 6
weken verbleven in west Senegal en west
Gambia. Ik heb niet één senegalpapegaai
kunnen waarnemen, ondanks urenlange wandelingen door natuurreservaten en
observatie van drinkplaatsen vanuit gecamoufleerde boomhutten ! de plaatselijke bevolking kent deze vogel
wel, maar beweert dat die een paar honderd kilometer meer landinwaarts meer zou
voorkomen…
Huisvesting en
verzorging
Een luchtreiniger
die continu zachtjes blijft draaien is geen overbodige luxe voor de vogels (en
ook voor de verzorger) indien de vogels binnen worden gehouden. De temperatuur wordt in de winter tussen
Voeding
Senegalpapegaaien
zijn van nature zaadeters. Zij
appreciëren dan ook een gevarieerd mengsel van bijvoorbeeld : 20%
zonnebloempitten, 10% van zowel maïs als padi, boekweit, witzaad en tarwe en 5%
van respectievelijk gerst, haver,
sorghum, millet, hennep en ongebrande pinda’s.
Vogels die in
kweekkooien worden gehouden krijgen best nog minder zonnebloempitten en pinda’s
voorgeschoteld, want die bevatten veel vetstoffen en de vogels kunnen die
calorieën niet kwijt door de beperkte vliegmogelijkheden.
Verder lusten
deze vogels naast eivoer ook appel, peer, halfrijpe maïs, geraspte wortelen,
rozenbottel en vooral gekiemde zaden.
Walnoten, beukennoten, hazelnoten en (gebroken) cedernoten staan
eveneens, doch met mondjesmaat ter beschikking, alsook maagkiezel en grit.
Verder mag kalk
niet ontbreken aan het menu, want zoals bij de meeste Afrikaanse papegaaien
bestaat hieraan een grotere behoefte.
De kweek
Met
senegalpapegaaien valt best wel te kweken, eens je een goed kweekpaar hebt
kunnen samenstellen. Hier wringt echter
het schoentje : senegalpapegaaien kunnen erg kieskeurig zijn in de
partnerkeuze. Dikwijls moeten wij als
liefhebber tussenkomen om omwisselingen door te voeren. Een paar dat echt harmonieert, dat merk je
aan synchroon gedrag : samen eten, samen kort bij elkaar slapen, enz. Een paar dat voortdurend kibbelt, dat haal je
best terug uit elkaar om beiden aan een andere partner te koppelen.
De kweek lukt
best als het kweekpaar kan beschikken over een donkere hoek waarin de nestkast
is opgehangen, met de invliegopening van het licht weg gedraaid.
Hoewel de herfst
en vooral de wintermaanden hun voorkeur genieten om te gaan broeden kan dat in
principe op gelijk welk moment in het jaar gebeuren. Wees dus gewaarschuwd … en bestel tijdig uw
(7mm)ringen!
Bonte boeren
worden broedrijp na minimaal 4 à 5 jaar en dat is dus vrij laat voor zo een
kleine vogel. Het vergt dus een flinke
dosis geduld van de kweker, maar dat wordt stevig beloond : deze vogels kunnen
40 jaar oud worden en er zijn paren bekend die nog eieren hadden op die
gezegende leeftijd !
Als je merkt dat
de vogels soms erg nerveus zijn en elkaar beginnen voeren dan moet je extra
aandachtig zijn en als je geluk hebt kan je dan paringen waarnemen (vooral in
de vroege ochtend en in de late avond).
De man houdt zich tijdens de paring met beide poten vast op het rugdek
van de gebukt zittende pop. Dit kan wel
10 minuten duren.
Met wat geluk
volgen er 2 tot 4 eieren in het broedblok na enkele weken. Deze worden gewoonlijk om de andere dag
gelegd, zodat de jongen bij uitkomst maximaal een week in leeftijd
verschillen. De witte eieren wegen
ongeveer
Oudere
kweekkoppels kunnen soms aan een tweede ronde beginnen …